Erfbelasting besparen

Tienduizenden euro’s erfbelasting besparen? Zo werkt het echt.

Introductie

Uit ervaring weet ik dat één van je dierbaren verliezen een ontzettend zware ervaring is.

Op dat soort momenten wil je ook helemaal niet bezig zijn met geldzaken. En toch zal de Belastingdienst met een brief op je voordeur matje komen: Erfbelasting.

En die rekening kan best even schrikken zijn. Het kan oplopen in de tienduizenden euro’s. Tenminste: als je niets geregeld hebt.

De meeste mensen denken dat erfbelasting “nu eenmaal zo is.” Dat je betaalt en klaar. Maar hoeveel erfbelasting je gezin betaalt, hangt grotendeels af van wat je vooraf hebt geregeld. Het verschil kan oplopen tot tienduizenden euro’s.

Hoe dat zit? Dat leg ik je uit aan de hand van concrete rekenvoorbeelden en risico’s.

Samenwonen zonder testament? Dan erft je partner niets.

Het meest pijnlijke scenario eerst. Je woont samen, hebt een koophuis, kinderen, een heel leven opgebouwd. Maar je hebt geen testament.

Wat er dan gebeurt als een van jullie overlijdt? Je partner erft precies: niets.

De wet kent alleen bloedverwanten als erfgenamen. Je partner is dat niet. Zonder testament gaat de erfenis naar de kinderen. En als die er niet zijn, naar ouders, broers of zussen.

Het wordt nog erger. Stel dat je wel een testament hebt gemaakt, maar geen notarieel samenlevingscontract. En jullie wonen korter dan vijf jaar samen op hetzelfde adres. Dan erft je partner weliswaar, maar wordt die behandeld als “overige verkrijger.”

Wat dat betekent nu concreet?

Voorbeeld: Lisa en Mark

Lisa en Mark wonen drie jaar samen. Mark overlijdt. Zijn nalatenschap bedraagt €500.000. Mark heeft Lisa in zijn testament als erfgenaam benoemd. Maar ze hebben geen notarieel samenlevingscontract.

👉 Lisa valt in tariefgroep 2: – Vrijstelling: €2.769 – Belastbaar: €497.231 – Erfbelasting schijf 1 (30%): €47.601 – Erfbelasting schijf 2 (40%): €135.425 – Totaal erfbelasting: €183.026

€183.026 aan erfbelasting. Op een erfenis van €500.000.

Had Lisa een notarieel samenlevingscontract gehad met wederzijdse zorgplicht en

  • beiden meerderjarig
  • op hetzelfde woonadres staan ingeschreven
  • geen bloedverwanten in de rechte lijn zijn
  • niet met iemand anders aan deze voorwaarden voldoet

dan was ze als fiscaal partner aangemerkt. Partnervrijstelling: €828.035. Erfbelasting: €0.

Hierbij wel ervan uitgaande dat Lisa via een testament als erfgenaam was benoemd, want anders zou ze natuurlijk in eerste instantie al niets erven!

Het verschil: €183.026. Alleen omdat er geen samenlevingscontract was. Mwah.. lijkt mij wel even de moeite waard, nietwaar? 😉

☝️ Last but not least: al sta je al 5 jaar samen ingeschreven op hetzelfde adres, dan zijn bovenstaande voorwaarden geen vereisten om als partner te worden gezien voor de erfbelasting.

Hoe werkt de wettelijke verdeling?

Ben je getrouwd of heb je een geregistreerd partnerschap en heb je kinderen? Dan geldt de wettelijke verdeling automatisch als je geen testament hebt.

Dat werkt zo: de langstlevende partner krijgt alle bezittingen. De kinderen krijgen een vordering uitgedrukt in geld op de langstlevende ouder. Dat heet een onderbedelingsvordering.. jaja. Nu zijn er enkele situaties waarbij die vordering al eerder opeisbaar wordt (wilsrechtenI), maar in principe zien de kinderen ‘hun geld’ pas bij het overlijden van de langstlevende ouder.

Klinkt netjes geregeld. Maar er zit een fiscale adder onder het gras.

Bij het eerste overlijden betalen de kinderen erfbelasting over hun vordering. Bij het tweede overlijden betalen ze opnieuw erfbelasting over wat er dan overblijft. En daar zit het probleem.

De vordering van de kinderen groeit namelijk niet. De wettelijke rente voor niet-handelstransacties is in 2026 gedaald naar 4%. Rente op de onderbedelingsvordering wordt alleen bijgeschreven als de wettelijke rente hoger is dan 6%. In 2026 is de wettelijke rente ruim onder die grens. De vordering staat dus stil (zolang de rente niet boven 6% is).

Bij het tweede overlijden is de schuld aan de kinderen nog precies even groot als bij het eerste overlijden. De rest van het vermogen? Daar betalen ze opnieuw erfbelasting over.

Wat is de quasi-wettelijke verdeling?

De quasi-wettelijke verdeling werkt hetzelfde als de wettelijke verdeling. Maar dan vastgelegd in een testament. De langstlevende krijgt alles, de kinderen krijgen een vordering.

“Waarom zou je dat via een testament regelen als het automatisch al zo werkt?” – Is waarschijnlijk wat je nu denkt.

Omdat je in een testament afspraken kunt maken die de wet niet voor je maakt. De belangrijkste: een renteclausule. En juist die renteclausule kan je gezin tienduizenden euro’s besparen.

Er is nog een voordeel. De quasi-wettelijke verdeling is ook beschikbaar voor samenwoners. Getrouwde stellen hebben de wettelijke verdeling automatisch. Samenwoners niet. Via een testament met quasi-wettelijke verdeling krijgen samenwoners dezelfde bescherming.

Hoe werkt de renteclausule?

In een testament kun je vastleggen dat er jaarlijks rente wordt bijgeschreven op de vordering van de kinderen. Maximaal 6% samengesteld. Dat betekent: rente op rente.

Wat doet die rente? De vordering van de kinderen groeit elk jaar. Na 10 jaar is een vordering van €166.667 gegroeid tot bijna €299.000. Na 15 jaar tot bijna €400.000. Na 20 jaar tot ruim €534.000.

Die vordering is een schuld van de langstlevende. En schulden worden afgetrokken van de nalatenschap.

Hoe groter de schuld aan de kinderen, hoe kleiner de nalatenschap. Hoe kleiner de nalatenschap, hoe minder erfbelasting.

En het mooiste: over de bijgeschreven rente wordt geen erfbelasting geheven. De rente vergroot de vordering die al bij het eerste overlijden is belast. Het is geen “nieuwe” erfenis, maar groei van een bestaande vordering.

Je zorgt er hiermee simpelweg voor dat het ‘bonne’tje’ voor de kinderen bij het overlijden van de langstlevende ouder lager zal zijn.

Wat scheelt dat concreet?

Dit klinkt bijna te mooi om waard te zijn, toch?! Nou erbij pakken dan maar, die cijfers!

Voorbeeld: Jan en Marloes – zonder renteclausule

Jan (56) en Marloes (56) zijn getrouwd in gemeenschap van goederen. Ze hebben twee kinderen: Sophie en Thomas. Jan overlijdt. De nalatenschap bedraagt €500.000.

Bij het eerste overlijden (van Jan)

Drie erfgenamen: Marloes, Sophie en Thomas. Elk erfdeel: €166.667.

💡 Dat betekent echter niet dat ieder voor €166.667 belast wordt!

Laten we als eerste de overgebleven ouder, Marloes, erbij pakken:

Ze heeft een erfdeel van €166.667 gekregen, maar ontvangt ook het geld dat eigenlijk aan de kinderen toebehoord. Dat geld kan Marloes gebruiken om bijvoorbeeld mee te beleggen en daar heeft zij dan dus voordeel aan. Dit erkent de Belastingdienst en daarom wordt dat voordeel apart gewaardeerd in de vorm van een ‘fictief vruchtgebruik‘.

De waardering van dat fictieve vruchtgebruik hangt af van de rente die is afgesproken en de leeftijd van de verkrijger van het fictieve vruchtgebruik, in dit geval Marloes (56).

Formule: (6% * bedrag * factor leeftijdstijdstabel)

👉 6% * (2 * 166.667) * 11 = €220.000

Die factor 11 is dus gebaseerd op de leeftijd van Marloes (56)

  • Erfdeel Marloes: €166.667
  • Fictief vruchtgebruik: €220.000
  • Totale verkrijging: €386.667
  • 👏 Maar als partner heeft Marloes een vrijstelling €828.035 → erfbelasting: €0

All right, en hoe zit het dan met de kids? Voor de kinderen trek je dus de waardering van het fictieve vruchtgebruik ervan af! Immers, ze kunnen dat geld nog niet zelf gebruiken, snapt u?

  • Erfdeel beide kinderen: belastbaar €2 x €166.667 = €333.334
  • Fictief vruchtgebruik in mindering: – €220.000
  • Totale verkrijging kinderen: €113.334 → per kind dus €56.667
  • Belastbaar per kind: €56.667 – €26.230 = €30.437
  • Erfbelasting per kind (10%) = €3.044

In totaal wordt er dus €6.087 aan erfbelasting betaald bij het overlijden van Jan.

Bij het tweede overlijden (van Marloes)

Stel, Marloes overlijdt 30 jaar later. Haar vermogen is op dat moment €993.913.

De berekening van dat bedrag laat ik voor de eenvoud even achterwegen, maar zal o.a. afhangen van het verwachte rendement en het aantal jaren totdat Marloes komt te overlijden.

Stap 1 – wat krijgen de kinderen nou echt ‘nieuw’?

  • Nalatenschap Marloes: €993.913
  • Daarvan is al van de kinderen (vorderingen): €327.246 (namelijk €333.334 aan vorderingen- €6.087 aan erfbelasting)
  • Belastbare nalatenschap = €666.667

Stap 2 – verdeling per kind

  • €666.667 / 2 = €333.333 per kind

Stap 3 – Vrijstelling eraf

  • €333.333 – €26.230 ≈ €307.000 belastbaar

Stap 4 – belasting per kind

  • 10% over €158.669 → €15.867
  • 20% over de rest → €29.666

👉 Totaal per kind = €45.533

Wat weer leidt tot zo’n €91.066 aan erfbelasting in totaal.

Als we daar nu de €6.087 aan erfbelasting bij het eerste overlijden van Jan bij optellen, dan kom je uit op een totale erfbelasting van €97.153.

Door het ontbreken van rente groeit de vordering van de kinderen niet mee, terwijl het vermogen van de langstlevende dat wel doet. Daardoor verschuift de belastingdruk naar het tweede overlijden, en die kan flink oplopen

De vraag is natuurlijk: Wat scheelt het nou als je wél met een renteclausule aan de slag had gegaan?

We gaan door!

Voorbeeld: Jan en Marloes – met renteclausule

Bij het eerste overlijden (van Jan)

Stel, je spreekt een rente van 3,6% af over de schuld. Dan ziet het er als volgt uit:

  • Erfdeel Marloes: €166.667
  • Fictief vruchtgebruik: €88.000 → dit wordt nu fors lager vanwege de afgesproken rente (het was €220.000)
  • Totale verkrijging: €254.667
  • 👏 Maar als partner heeft Marloes een vrijstelling €828.035 → erfbelasting: €0

All right, en hoe zit het dan met de kids? Voor de kinderen trek je dus de waardering van het fictieve vruchtgebruik ervan af! Immers, ze kunnen dat geld nog niet zelf gebruiken, snapt u?

  • Erfdeel beide kinderen: belastbaar €2 x €166.667 = €333.334
  • Fictief vruchtgebruik in mindering: – €88.000
  • Totale verkrijging kinderen: €245.334 → per kind dus €122.667
  • Belastbaar per kind: €122.667 – €26.230 = €96.437
  • Erfbelasting per kind (10%) = €9.644

In totaal wordt er dus €19.287 aan erfbelasting betaald bij het overlijden van Jan. Dat is méér dan die €6.087 onder de wettelijke verdeling (zonder renteclausule). Maar, zoals eerder aangegeven, vindt de ‘magie’ plaats bij het tweede overlijden.

Bij het tweede overlijden (van Marloes)

Stel, Marloes overlijdt 30 jaar later. Haar vermogen is op dat moment €980.713.

Dit komt niet exact overheen met het eerdere bedrage van €993.913 omdat de erfbelasting in dit geval bij het eerste overlijden hoger is.

Stap 1 – wat krijgen de kinderen nou echt ‘nieuw’?

  • Nalatenschap Marloes: €980.713
  • Daarvan is al van de kinderen (vorderingen): €926.834 (deze vordering is nu aanzienlijk hoger door de afgesporken rente van 3,6%!)
  • Nalatenschap Marloes: €53.879

Stap 2 – verdeling per kind

  • €53.879 / 2 = €26.940 per kind

Stap 3 – Vrijstelling eraf

  • €26.940 – €26.230 ≈ €710 belastbaar

Stap 4 – belasting per kind

  • 10% over €710 → €71

Wat weer leidt tot zo’n €142 aan erfbelasting in totaal.

Als we daar nu de €19.287 aan erfbelasting bij het eerste overlijden van Jan bij optellen, dan kom je uit op een totale erfbelasting van €19.429.

Vergelijken van uitkomsten

Het verschil over twee overlijdens:

Zonder renteMet 3,6% rente 
Eerste overlijden€6.087€19.287
Tweede overlijden€91.066 €142
Totaal€97.153€19.429
Besparing€77.724

Meer dan 70.000 euro bespaard. Puur door een renteclausule in het testament.

En hoe hoger het vermogen of hoe langer de langstlevende leeft, hoe groter het verschil.

Je verschuift belastingdruk van het tweede naar het eerste overlijden, en doordat de schuld meegroeit, voorkom je dat vermogen onnodig zwaar wordt belast bij het tweede overlijden.

Waar moet je op letten?

De renteclausule is geen wondermiddel zonder kanttekeningen.

De rente. In de praktijk wordt vaak maximaal circa 6% gebruikt om fiscale discussies te voorkomen. Spreek je meer af? Dan kan de Belastingdienst zeggen:
👉 “dit is geen echte schuld, maar vermogensoverheveling”

Gevolg: of aangemerkt als fictieve verkrijging → (deel van) schuld wordt genegeerd

Timing is belangrijk. Een renteovereenkomst moet worden vastgelegd binnen de aangiftetermijn van de erfbelasting.

Samenwoners: extra stappen nodig. Als samenwoner heb je twee dingen nodig om dezelfde bescherming te krijgen:

  1. Een notarieel samenlevingscontract met wederzijdse zorgplicht (voor de partnervrijstelling)
  2. Een testament met quasi-wettelijke verdeling en renteclausule

Zonder die combinatie mis je de voordelen.

Is dit iets voor jouw situatie?

Een testament met renteclausule kan interessant zijn als:

  • Je getrouwd bent en kinderen hebt
  • Je samenwoont en je partner wilt beschermen
  • Je wilt voorkomen dat je kinderen twee keer fors erfbelasting betalen

Conclusie

Erfbelasting voelt als iets waar je geen invloed op hebt. Maar dat klopt niet. De keuzes die je nu maakt, bepalen hoeveel je gezin straks betaalt.

Samenwoners zonder testament staan met lege handen. Gehuwden zonder renteclausule betalen onnodig veel. Met enkele slimme keuzes kan je al een hoop bewerkstelligen!

Wil je weten of jouw situatie ruimte biedt voor besparing? Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek. Dan kijken we samen naar de mogelijkheden.

Dit artikel is informatief bedoeld en vormt geen persoonlijk financieel advies. Jouw situatie kan anders zijn.